Betrokken zonder kaartje
Topsportevenementen worden vaak beoordeeld op wie er in het stadion zit. In MOVES beginnen we bij de andere kant: wat betekent een evenement voor inwoners, ook als ze er niet heen gaan?
Wie de maatschappelijke waarde van een topsportevenement wil vergroten, gaat er meestal van uit dat betrokkenheid er al is. Mensen kopen een kaartje, komen naar het stadion en voelen zich dus verbonden met het evenement. Maar dat is een aanname. Iemand kan een gezellig dagje uit hebben zonder dat het evenement hem iets doet. En omgekeerd kan iemand die nooit een tribune ziet, toch geraakt worden door een toernooi in de eigen stad.
In het onderzoeksprogramma MOVES draaien we de vraag daarom om. We nemen niet het evenement als vertrekpunt, maar de bevolking. Evenementen worden binnengehaald op initiatief van gemeenten en sportbonden, maar de vraag waar inwoners zelf behoefte aan hebben, wordt zelden gesteld.
Een meetlat voor betrokkenheid
Om betrokkenheid te kunnen meten, hebben we een instrument ontwikkeld dat voortbouwt op een bekende schaal uit fanonderzoek. Daar zit een belangrijk verschil. Fanonderzoek bevraagt mensen die al supporter zijn. Wij bevragen inwoners van een gaststad, van wie sommigen nog nooit van het evenement hebben gehoord. Daarom hebben we de schaal aan de onderkant uitgebreid met drie extra fasen, van onbekend tot bewust. Zo kunnen we laten zien waar mensen staan, en welke stap een organisator kan zetten om ze een trede hoger te krijgen.
Dezelfde meting voeren we uit bij zes evenementen: het EK beachvolleybal in Apeldoorn, Arnhem en Den Haag, het EK schaatsen in Thialf, de Wereldbeker BMX op Papendal, het WK handbal, het WK hockey en een vechtsportevenement. Door ze naast elkaar te leggen, kunnen we straks verklaren waarom het ene evenement inwoners sterker raakt dan het andere.
Een eerste verrassing
Bij het EK beachvolleybal viel al iets op. Het evenement bleek voor veel inwoners van de gaststeden betekenis te hebben, en dat gold ook voor mensen die er zelf niet heen gingen. Wie alleen via de media meekeek, voelde zich soms evengoed betrokken bij een toernooi in de eigen gemeente. Dat is een signaal dat de maatschappelijke waarde van een evenement niet ophoudt bij de stadionpoort.
Dat sluit aan bij het grotere bevolkingsonderzoek binnen MOVES. Het grootste publiek van topsport zit niet op de tribune, maar volgt evenementen via een scherm.
Van kennis naar keuzes
MOVES wordt gefinancierd door ZonMw en uitgevoerd door onderzoekers van verschillende hogescholen, universiteiten en kennisinstellingen. Naast bereik, beleving en draagvlak kijkt het programma naar publiek-private samenwerking, economische effecten en maatschappelijke effecten. Het doel is praktisch: organisatoren en overheden handvatten geven om meer maatschappelijke waarde uit evenementen te halen.
Daarbij hoort ook de vraag welke evenementen Nederland eigenlijk wil. Meer multisportevenementen? Een sterkere koppeling met parasport of breedtesport? Een betere spreiding over het land? Op die vragen hoort niet alleen de sport zelf een antwoord te geven, maar ook de mensen voor wie de evenementen bedoeld zijn.
Verder lezen
Waarom sportcontributies de wet van Baumol ontlopen, en wat dat kost
Sportcontributies stijgen, maar lopen zelden gelijk op met de inflatie. Volgens de economische theorie zou het juist andersom moeten zijn. Dat sportverenigingen die wet weten te ontlopen, heeft een prijs die niet op de contributienota staat.
7 min lezen · 3 interactieve figurenWinnen, maar dan wel goed
Bijna drieduizend Nederlanders verdeelden in een bevolkingsraadpleging zelf het topsportbudget. Ze steunen de medaillejacht, maar willen meer aandacht voor een veilig sportklimaat.
2 min lezen · essayWat koop je voor 37,5 miljoen aan olympisch ijs?
Nederland heeft het olympisch schaatsen van 2030 scherp ingekocht. Maar de beloofde verbinding ontstaat niet vanzelf in een stadion met tienduizend stoelen.
3 min lezen · essay