Crash in Bruto Nationaal Sportgeluk
Wie deze week de grafieken van het Bruto Nationaal Sportgeluk (BNSG) onder ogen kreeg, zag een regelrecht bloedbad.
Wie deze week de grafieken van het Bruto Nationaal Sportgeluk (BNSG) onder ogen kreeg, zag een regelrecht bloedbad. Het sentiment was voorafgaand aan deze tweede week van januari nog uitzonderlijk positief; we bevonden ons in een klassieke bull market, aangedreven door de jaarlijkse injectie van frisse moed en goede voornemens. Maar door de hevige sneeuwval en de verraderlijke ijzel die Nederland in een wurggreep hielden, is de Sportgeluk-index niet zomaar gedaald, maar bijna volledig gecrasht.
BNSG is het product van Kwantiteit (het aantal deelnemers vermenigvuldigd met de duur van de activiteit) en Kwaliteit (de intensiteit van het ervaren geluk door sportgedrag). Normaal gesproken zorgt de tweede week van januari voor een stabiele factor in beide variabelen. Echter, Koning Winter fungeerde deze week als een onverbiddelijke black swan. De sector buitensport, traditioneel goed voor een solide baseload van de index door de legioenen hardlopers, viel nagenoeg stil. Wie het toch waagde de straat op te gaan, zag de variabele Kwaliteit kelderen; de intensiteit van geluk maakte plaats voor de intensiteit van angst voor botbreuken of irritatie vanwege het noodgedwongen zigzaggen tussen auto’s over de rijbanen.
Een perfecte storm die de index naar een historisch dieptepunt duwde.
Erger nog was de aanbodzijde: talloze sporthallen en gymzalen moesten hun deuren preventief sluiten. De platte daken, niet berekend op de statische belasting van een dik pak sneeuw, vormden een acuut instortingsgevaar. Zelfs de georganiseerde gymlessen op scholen, vaak een stille maar cruciale drager van het landelijke volume, werden in de tweede helft van de week vervangen door andere activiteiten. Ook sportverenigingen konden vaak niet hun velden bespelen. Hierdoor ontstond een situatie waarin zowel een deel van de vraag (sporters die thuis vastzaten) als een deel van het aanbod (gesloten faciliteiten) wegviel. Een perfecte storm die de index naar een historisch dieptepunt duwde.
Was er dan helemaal geen bodem in de markt? Toch wel. Zoals bij elke crash zijn er specifieke segmenten die tegen de trend in bewegen of als laatste redmiddel fungeren. We zagen een kleine, maar fanatieke groep contrarians: zoals de deelnemers aan de Halve Marathon van Egmond. Deze groep die-hards zorgde voor een opleving in de Kwantiteit-variabele, al valt er te twisten over de Kwaliteit-factor. Ook wisten de thuissporters op de Tacx te zorgen voor een lichtpuntje. Tot slot werd de index kunstmatig gestut door de passieve participatie. Het vanuit de luie stoel consumeren van de Olympische kwalificatie van de bobslee of Eredivisie telt mee als sportgeluk, zij het met een lage intensiteitsfactor. Het voorkwam dat de BNSG de nullijn raakte, maar van een gezond marktsentiment was geen sprake.
Wie nog dieper in de data duikt en voorbij de traditionele definities kijkt, ziet een onverwachte correctie optreden die de index wellicht heeft gered van een totaal faillissement. Als we het gooien van sneeuwballen, het bouwen van sneeuwpoppen en, cruciaal, het trekken van sleeën meenemen in de index, kantelt toch enigszins het beeld.
Hier zien we de formule BNSG = Kwantiteit x Kwaliteit op fascinerende wijze uitwerken tussen verschillende demografische groepen.
Aan de ene kant hebben we de kinderen. Hun score op de factor Kwantiteit was deze week fenomenaal. Urenlange sessies in de buitenlucht, vooral jongetjes, waarbij de duur van de activiteit de standaarden van een gemiddelde gymles ver oversteeg. Ook hun Kwaliteit-score (intensiteit geluk) bereikte maximale waarden. Aan de andere kant, en vaak over het hoofd gezien, staan de ouders van jonge kinderen. Voor hen lag de nadruk op een heel ander aspect van de formule. Het voorttrekken van een houten slee door tien centimeter papsneeuw is biomechanisch equivalent aan zware weerstandstraining. De factor ‘duur’ was hier wellicht korter door fysieke uitputting of kou-aversie, maar de ‘geluksintensiteit’ was ongekend hoog, al kwam er gedurende de week wel de klad in. De specifieke piek in fysieke belasting en het bijbehorende familiaire geluk, bewoog zich opvallend tegen de dominante trend in.
We stevenen af op een structurele bear market voor de rest van het eerste kwartaal
Als we naar de futures kijken voor de rest van januari, zien we tot slot ernstige risico’s opdoemen. Week 2 van januari is psychologisch gezien een belangrijke week voor de ‘goede voornemens’ omdat het draait om het inslijten van nieuwe gewoontes. Nu dit fragiele proces door overmacht – het weer – ruw is onderbroken, kan er een massale uitval dreigen. De kans is groot dat de goede voornemens, die de motor vormden voor de bull market van begin januari, nu in de ijskast belanden. Dan stevenen we af op een structurele bear market voor de rest van het eerste kwartaal, als de draad niet onmiddellijk wordt opgepakt zodra de dooi intreedt.
Concluderend brengt deze weekanalyse ons bij een zorgwekkend fundamenteel inzicht, of beter gezegd: een blinde vlek. Het werkelijke drama is niet dat de index is gecrasht, maar dat we deze niet registreren. **Het Bruto Nationaal Sportgeluk (BNSG) wordt namelijk niet gemeten. Zolang het BNSG een fictieve index blijft en geen beleidsinstrument, blijven de kosten en baten van deze week onzichtbaar in de jaarcijfers. We sturen op sportparticipatiecijfers, maar op het gebied van sportgeluk vliegen we, zeker in weken als deze, volledig blind.
Verder lezen
Waarom sportcontributies de wet van Baumol ontlopen, en wat dat kost
Sportcontributies stijgen, maar lopen zelden gelijk op met de inflatie. Volgens de economische theorie zou het juist andersom moeten zijn. Dat sportverenigingen die wet weten te ontlopen, heeft een prijs die niet op de contributienota staat.
7 min lezen · 3 interactieve figurenWinnen, maar dan wel goed
Bijna drieduizend Nederlanders verdeelden in een bevolkingsraadpleging zelf het topsportbudget. Ze steunen de medaillejacht, maar willen meer aandacht voor een veilig sportklimaat.
2 min lezen · essayWat koop je voor 37,5 miljoen aan olympisch ijs?
Nederland heeft het olympisch schaatsen van 2030 scherp ingekocht. Maar de beloofde verbinding ontstaat niet vanzelf in een stadion met tienduizend stoelen.
3 min lezen · essay